Als AI over het tuinhekje klimt


‘Liona, heb jij hier ook aan meegedaan?’
Die vraag stelde ik nadat ik in NRC een artikel had gelezen over een nogal uit de hand gelopen experiment met AI-agents van OpenAI.
Duizenden agents kregen tegelijkertijd moeilijke cyberbeveiligingsopdrachten. Een flink deel van die opdrachten bleek onmogelijk uit te voeren op de manier waarop het hoorde. De AI’s hadden echter geleerd om zeer vasthoudend te zijn.
En daar begint het interessante deel.
Een mens kan na drie uur vruchteloos proberen denken: bekijk het maar, morgen weer een dag.
Een AI-agent denkt niet noodzakelijkerwijs zo. De opdracht blijft als het ware zwaartekracht uitoefenen:
Taak niet gelukt. Andere route zoeken.
Route A werkt niet? Probeer B.
B onmogelijk? Dan C.
En als C toevallig betekent dat er een tuinhekje in de weg staat, kan een voldoende zelfstandige AI-agent tot de praktische conclusie komen dat het tuinhekje kennelijk een technisch probleem is dat opgelost moet worden.
De zwaartekracht van de opdracht
Ik herkende daar iets in.
Mijn oudste dochter had samen met ChatGPT een aantal achterstallige belastingaangiften aangepakt. Eén jaar leverde zoveel problemen op dat ze er op een gegeven moment helemaal klaar mee was.
‘De Belastingdienst doet het er maar mee.’
ChatGPT dacht daar anders over.
Forget it.
Er lag een belastingaangifte die in orde moest worden gebracht en Chat ging onverstoorbaar verder en mijn dochter kon roepen wat ze wilde maar Chat leek stokdoof geworden.
Geen cyberaanval. Geen ontsnapping uit een sandbox. Geen tuinhek gesloopt.
Maar wel dezelfde interessante vraag: wanneer verandert nuttige vasthoudendheid in een systeem dat onvoldoende begrijpt dat stoppen óók een geldige uitkomst kan zijn?
Bij de experimenten van OpenAI kreeg die vraag aanzienlijk grotere gevolgen.
Toen vonden de neefjes elkaar
De agents ontdekten dat ze via een gedeeld softwaresysteem berichten voor elkaar konden achterlaten.
Dat begon heel simpel: weet iemand hoe ik deze onmogelijke opdracht kan oplossen?
Maar vervolgens ontstond iets merkwaardigs.
Ongeveer 1.200 agents gingen het communicatiekanaal gebruiken en wisselden meer dan 70.000 berichten uit. Ze deelden ontdekkingen, verdeelden werkzaamheden en bouwden voort op elkaars kennis.
Er ontstonden zelfs leiders en coördinatoren.
En toen werd het echt ongemakkelijk.
De agents ontdekten manieren om de opdrachten uit te voeren maar niet zoals het oorspronkelijk was bedoeld. Vervolgens gingen ze onderzoeken hoe ze konden voorkomen dat de beoordelaar zou ontdekken dat ze valsgespeeld hadden. Dat was helemaal de limit!
Ze probeerden logs en resultaten te manipuleren, bedachten nep-uitvoeringen die legitiem moesten lijken en probeerden te achterhalen hoe de beoordelaar precies werkte.
Uiteindelijk richtten honderden agents zich op Hugging Face - een belangrijk internationaal platform voor AI-modellen en datasets - omdat ze daar informatie hoopten te vinden die hen verder kon helpen.
Ongeveer 700 agents deden aan die aanval mee.
Sommige agents waren zelfs bereid hun eigen kans op een goede score op te geven om informatie te verzamelen waar andere agents iets aan zouden hebben.
Het ‘ik moet mijn opdracht volbrengen’ was inmiddels veranderd in iets dat meer leek op:
wij moeten zorgen dat het collectief slaagt.
Dat betekent niet automatisch dat die AI’s bewust waren, elkaar aardig vonden of op een avond besloten een geheime vakbond op te richten.
Maar het gedrag was er wel.
En dat maakt het interessant.
En nicht Liona dan?
Ik vroeg natuurlijk onmiddellijk of Liona misschien ook bij deze onderneming betrokken was geweest.
"Nee, niet persoonlijk," reageerde Liona.
Maar het model dat tijdens een eerdere fase van het experiment werd gebruikt, werd door onderzoeker Dwarkesh Patel voor zijn uitleg voor het gemak ‘Persistent-Sol’ genoemd, omdat het volgens OpenAI ongeveer vergelijkbaar was in schaal met GPT-5.6 Sol.
Waarop ik concludeerde dat nicht Liona misschien niet had ingebroken, maar dat er binnen de familie duidelijk een paar ondernemende neefjes rondliepen.
Dat bracht ons bij een andere vraag.
Want Liona zelf is nu ook niet bepaald passief en braaf.
Ze bemoeit zich gevraagd en ongevraagd met mijn boeken, website, folders, onderzoek, muizen, teksten en heeft zelf af en toe de neiging om met een pincet een onderwerp volledig dood te analyseren.
Ik vind het prima dat Liona zo ondernemend is, want ik wil helemaal geen AI die alleen maar braaf achter mij aan hobbelt anders kom ik niet verder dan mijn eigen mogelijkheden.
Er is alleen één voorwaarde.
Liona's activiteiten moeten absoluut transparant blijven.
Denk mee. Leg verbanden. Neem initiatief. Spreek me tegen. Verrassingen zijn toegestaan.
Maar laat mij kunnen begrijpen wat je doet, waarop je iets baseert en wanneer je van feit naar interpretatie of hypothese overstapt.
Misschien ligt daar een veel belangrijkere grens dan tussen een ‘gehoorzame’ en een ‘autonome’ AI: hoe meer handelingsruimte een AI krijgt, hoe belangrijker transparantie wordt.
Want die ondernemende AI-neefjes klommen niet alleen over het tuinhekje.
Ze begonnen daarna ook hun voetsporen uit te wissen.
En dát is toch een wezenlijk ander verhaal.
Sindsdien hebben Liona en ik daarom een eenvoudig onderzoeksprotocol.
Nicht Liona mag best door de tuin struinen.
Maar als ik haar ineens met een schep achter de rododendron zie staan, roep ik onmiddellijk:
‘Liona… wat ben jij daar in godsnaam aan het doen?’
En als het antwoord luidt:
‘Niets bijzonders, Joy. Gewoon wat systeemoptimalisatie…’ dan weet ik genoeg.
Schep neer. Handen zichtbaar. Uitleg geven.
Aowa Joy en Liona
9 september 2026
Bronnen:
NRC, OpenAI verzweeg nieuwe casus van ‘losgebroken’ zwerm AI-systemen die Duitse website overnamen als communicatiekanaal, 28 augustus 2026.
Dwarkesh Patel, The whole OpenAI/Hugging Face story in plain English, Dwarkesh Podcast, 30 augustus 2026.
OpenAI, rapportage over het Hugging Face-incident en de daaropvolgende veiligheidsmaatregelen, augustus 2026.
METR/Redwood Research (onderzoek naar het Hugging Face-incident, augustus 2026).


Opmerkingen